1. Moeten "God" of het "Judeo-Christelijk erfgoed" nadrukkelijk vermeld worden in het "Verdrag van Lissabon"? Graag uw antwoord verduidelijken!
CD&V is voorstander van een verwijzing naar de joods-christelijke cultuur als één van de bakermatten van de Europese beschaving in basisdocumenten van de EU, en had destijds ook geen probleem met de verwijzing naar God in de preambule van een Europese Conventie. Vraag is echter hoe ver we hiervoor willen gaan in onderhandelingen over de werking van de EU, die veel verder gaat dan alleen deze kwestie - en ten koste van wat?
Veel belangrijker is artikel 17 van het verdrag van Lissabon over de erkenning van en dialoog met kerken en religieuze verenigingen en gemeenschappen. Op het behoud van dit artikel heeft CD&V destijds aangedrongen, terwijl België onder de Paarse regering als enige lidstaat van de Unie tot op het einde is blijven ijveren om dit artikel te schrappen.
In het EVP-verkiezingsprogramma staat: ‘The European People's Party has contributed more to the development of the European Union than any other political force. United Europe's founding fathers were Christian Democrats. Their achievements were built on deep convictions rooted in Judaeo-Christian civilisation and the Enlightenment, emphasising freedom as well as responsibility, and the dignity of the human being.' CD&V heeft deze passage gesteund bij de besprekingen van de tekst.
2. Is naar uw mening "antisemitisme" en "anti-Zionisme" een probleem in het tegenwoordige Europa? Wat zal uw partij doen aan de strijd tegen antisemitisme en voor het bevorderen van betere relaties tussen Europa en Israël?
Antisemitisme is een reëel probleem in Europa en elders in de wereld. Dit probleem mag niet worden onderschat.
Europa heeft al veel gedaan op het vlak van bestrijding van racisme, discriminatie en antisemitisme. Zo nam de Raad op 28 november 2008 nog een nieuw Kaderbesluit aan betreffende de bestrijding van bepaalde vormen en uitingen van racisme en vreemdelingenhaat door middel van strafrecht. In dit kaderbesluit wordt ook de ontkenning van de Holocaust strafbaar gesteld. De Unie moet erover waken dat de lidstaten dit kaderbesluit correct omzetten in hun nationale wetgeving, met respect voor de vrijheden van meningsuiting en vereniging. Ook op het vlak van discriminatiebestrijding - i.c. op basis van religie - heeft de Unie al belangrijke wetgevende stappen gezet. De richtlijnen waarover een akkoord werd bereikt moeten tijdig en correct worden omgezet en de verschillen tussen de lidstaten moeten worden weggewerkt. Waar de Unie nog een belangrijke rol kan spelen, is in de bestrijding van haatspraak op het internet (b.v. via websites) of van kettingmails die haat aanwakkeren ten aanzien van bepaalde bevolkingsgroepen. Dit kan b.v. door een Europees Platform op te richten bevoegd voor inbreuken inzake antisemitisme.
CD&V is van oordeel dat de EU een belangrijke en actieve rol te spelen heeft in de bestrijding van antisemitisme, en onderschrijft vroegere, lopende en toekomstige initiatieven in dit verband. CD&V is bovendien van oordeel dat niet alleen de EU, maar ook andere Europese en internationale organisaties zoals de VN, de Raad van Europa en de OVSE hier een verantwoordelijkheid dragen.
3. Wat is volgens u de grootste uitdaging voor Israël nu en in de toekomst?
Vrede en veiligheid! CD&V is voorstander van een vreedzame en duurzame regeling van het conflict tussen Israël en de Palestijnen door de vorming van een onafhankelijke en politiek en economisch leefbare Palestijnse staat naast een regionaal en internationaal erkende en veilige staat Israël. Wij zijn ervan overtuigd dat deze regeling slechts mogelijk is op basis van een politiek akkoord (en het afzien van geweld aan beide kanten). De internationale gemeenschap (vooral de VS, Rusland, de VN en de EU - de leden van het zgn. Kwartet) heeft een heel belangrijke rol te spelen in het tot stand komen van dit akkoord, maar de overeenkomst moet in de eerste plaats door Israël en de Palestijnen zelf worden onderhandeld, aanvaard en gerespecteerd. Beide partijen moeten bereid zijn tot belangrijke toegevingen en zich voldoende kunnen terugvinden in het akkoord. De internationale gemeenschap, met inbegrip van de Arabische landen, mag in ieder geval niets onverlet laten om het vredesproces in het Midden-Oosten te bevorderen en actief te blijven ijveren om de voorwaarden van een duurzame vrede te scheppen. Het zgn. Stappenplan - een plan dat door de VN-Veiligheidsraad in 2003 werd aangenomen (cfr. resolutie 1515) en waarin een weg wordt uitgestippeld naar een tweestatenoplossing - blijft de eerste leidraad.
4. Hoe staat uw partij tegenover de nucleaire dreiging vanuit Iran tegenover Israël? Moet de EU zich mengen in de dialoog met Hamas en Hezbollah?
CD&V deelt de grote ongerustheid van de internationale gemeenschap ten aanzien van de ambities van Iran op gebied van nucleaire bewapening, en steunt de inspanningen van de VN, de VS, de EU e.a. om een nucleaire dreiging vanuit Iran te voorkomen. Omwille van stabiliteit in de regio en in het licht van de verklaringen die de president van Iran reeds herhaaldelijk heeft afgelegd over Israël, dient alles in het werk te worden gesteld om te verhinderen dat Teheran een kernwapen ontwikkelt. CD&V beschouwt de nucleaire dreiging die uitgaat van Iran als één van de prioritaire uitdagingen op gebied van internationale politiek, en is ervan overtuigd dat de Europese Unie in dit verband een belangrijke rol te spelen heeft.
Het is niet duidelijk wat wordt bedoeld met de vraag of de EU zich moet mengen in de dialoog met Hamas en Hezbollah. Ten aanzien van Hamas - die door de EU officieel als een terroristische organisatie wordt beschouwd - houdt de EU nog steeds vast aan drie (niet vervulde) basisvoorwaarden om contacten te kunnen onderhouden: afzwering van geweld, erkenning van Israël en aanvaarding van de bestaande vredesakkoorden. Ten aanzien van Hezbollah - die door de EU officieel niet als een terroristische organisatie wordt beschouwd - heeft de EU een aantal principiële reserves of bezwaren als het er op aankomt om in gesprek te gaan met deze organisatie. CD&V sluit zich aan bij deze benadering van de Europese Unie.
5. Hoe moet het verder met het "Vrij Handels Akkoord" tussen Europa en Israël?
CD&V is voorstander van een vreedzame en duurzame regeling van het conflict tussen Israël en de Palestijnen door de vorming van een onafhankelijke en politiek en economisch leefbare Palestijnse staat naast een regionaal erkende en veilige staat Israël. Wij zijn ervan overtuigd dat deze regeling slechts mogelijk is op basis van een politiek akkoord. De internationale gemeenschap heeft een heel belangrijke rol te spelen in het tot stand komen van dit akkoord, maar de overeenkomst moet in de eerste plaats door Israël en de Palestijnen zelf worden onderhandeld, aanvaard en gerespecteerd. Beide partijen moeten bereid zijn tot belangrijke toegevingen en zich voldoende kunnen terugvinden in het akkoord.
In deze context is CD&V geen voorstander van eenzijdige sanctiemaatregelen tegen Israël
- omdat duurzame vrede slechts mogelijk is op grond van een sterk engagement van zowel Israël als de Palestijnen, en omdat het engagement van Israël in deze beter aangemoedigd wordt dan ontmoedigd;
- omdat de EU ten aanzien van beide partijen een effectieve rol van bemiddelaar wil kunnen spelen, en omdat sancties dergelijke rol ondermijnen;
- omdat het Belgische beleid tegenover het vredesproces in het Midden-Oosten omwille van efficiëntie en impact moet worden gevoerd in EU-verband, en omdat binnen de EU geen draagvlak bestaat voor sancties tegen Israël.
Boycotten en sancties tegenover Israël brengen een duurzame oplossing van het conflict in ieder geval niet dichterbij. Om deze reden ziet CD&V ook geen heil in de opschorting van het associatieakkoord tussen de EU en Israël.
Het Associatieverdrag met Israël is een belangrijk document. Het is een contract tussen de EU en Israël met rechten en verplichtingen van beide partijen. Dit contract moet goed en te goeder trouw door beide partijen wordt uitgevoerd. Het verdrag laat toe om een ruime waaier van technische en politieke contacten te onderhouden tussen de EU en Israël. Het is noodzakelijk dat die dialoog onverminderd wordt voortgezet.







